wo

24 jan

‘De enige voorwaarden waren: goed met computers zijn en altijd je telefoon opnemen’

Van barista tot programmeur van de Disco Dolly en van programmeur van de Dolly tot mede-eigenaar van club Claire. Juri Miralles is een van de succesverhalen van ’t Straatje. Als puber was Juri constant bezig met het sneller maken van zijn computer, om beter spelletjes te kunnen spelen. Tot hij op een LAN-party waar volwassen mannen frikadellen naar binnen schoven en aan een muisarm blessure leden terechtkwam: ‘Dat vond ik niet sexy.’ Juri leerde het nachtleven kennen en ging zich meer verdiepen in muziek. Een ontwikkeling die goed uitpakte en waar hij uiteindelijk zijn werk en leven van maakte.

Interview door: Florian Teufer

Voordat je bij de Disco Dolly aan de slag ging als programmeur werkte je nog in de Coffee Company. Blij dat je weg bent?

‘Jazeker. Van 2010 tot 2013 heb ik daar gewerkt om bij te verdienen. Het dj-en verdiende niet genoeg en ik had intussen al drie studies geprobeerd en opgegeven. Na drie jaar moest ik een vast contract ondertekenen. Koffie zetten vond ik op zich oké werk, dus ik ging voor het vaste contract. Ik ben me gaan verdiepen in verschillende soorten koffie, met als einddoel barista trainer worden. Tijdens de trainingen kwam ik erachter dat het niet mijn cup of coffee was. Iedereen was zo erg een koffie nerd. Het interesseerde mij niet of de koffie van speciale bessen was gemaakt, als het maar lekker is.’

En toen ging je een kopje koffie drinken met Steven Vermaas?

‘De Disco Dolly ging open en Elias Mazian nodigde Kerk! (dj-duo met Robert Mulder) uit om mee te draaien op de woensdag. Na een maand draaien in de Dolly kwam Elias overstuur naar ons toe met de boodschap dat de programmeur ontslagen was. We waren onzeker over de voortgang van de woensdagavonden. In die tijd ging ik heel veel uit en kwam ik regelmatig in club Trouw. Ik kwam daar aan en de muziek was fucking kut. In het restaurant zaten Marlon Arfman en zijn vriendin. De toekomst van de Disco Dolly kwam ter sprake. Een gezamenlijke vriend zei: “waarom neem je Juri niet aan als programmeur?” Ik had er niet veel vertrouwen in omdat ik totaal niet zakelijk was ingesteld. Marlon zei dat het niet veel uitmaakte, alles viel te leren. De enige voorwaarden waren: goed met computers zijn en altijd je telefoon opnemen. Dat zijn wel eigenschappen die ik bezit, dacht ik.’

‘Opeens kreeg ik een telefoontje van een tante. Die had via de moeder van Thomas Anderiesen gehoord dat ik kwam solliciteren bij de Dolly. Ze vertelde dat zijn familie vroeger altijd mee ging naar ons vakantiehuisje in Drenthe. Toen heb ik dat balletje opgegooid tijdens het sollicitatiegesprek. Thomas kon zich geen Juri van vroeger herinneren, omdat ik vroeger Brian heette. Mijn ouders scheidden toen ik vijf was en toen ik zes was vroeg mijn moeder: “wil je niet een andere naam? Ik vind Brian niet bij jou passen.” Daar ben ik toen in meegegaan. Mijn moeder vond Juri wel een mooie naam, dus toen werd ik Juri.’

Hoe heb jij de Dolly toentertijd karakter gegeven?

‘Dat is lastig te bepalen, omdat zoveel factoren meespeelden. We zaten op kantoor met (toen nog) stagiair Kees Banen, eigenaren Steven Vermaas en Marlon Arfman. Ik wilde coole dj’s uit Amsterdam een vaste avond geven. Op die manier werd de Dolly een soort huiskamer, iedereen was welkom. Die regelmaat in de programmering heeft bijgedragen aan het succes, maar ook de tone of voice bijvoorbeeld. We waren toegankelijk. In de Dolly kon je lekker bier drinken en dansen op warme muziek.’

Is toen ook het concept huiskamerset ontstaan?

‘Dat was een idee van Marlon. Een goeie dj de hele nacht de tijd geven om out of the box te kunnen draaien. Gekke muziek die je thuis graag draait, maar niet zo snel in een grote club, wel in de Dolly. Huiskamerset is durven draaien. Het liefst zo experimenteel mogelijk. De Dolly durfde ook. We hebben gekke dingen gedaan, zoals dwergen op de bar, of een Sinterklaas in de zaal. Iedereen moest bij binnenkomst verrast worden.’

Hoe was de avond met Dâm-Funk tijdens ADE?

‘Heel bijzonder. Om elf uur stond er al een rij voor de deur. Marlon en ik liepen een rondje door de zaal. We wilden niet dat het zo vol zou staan dat niemand meer kon dansen. Na tweehonderd kaartjes te hebben verkocht wilden we een stop op de deur. Steven was het er niet mee eens, hij wilde de tent vol en de bovenzaal opengooien, want we draaiden gewoon hartstikke verlies. Daar waren Marlon en ik het niet mee eens. Achteraf was ik heel blij, want het was de eerste keer dat het gelukt was om een stop op de deur te doen en iedereen had het naar zijn zin. Zelfs Moodymann kwam nog langs.’

Jij bent dus heel goed met computers?

‘Ik ben geboren in Antwerpen. Mijn moeder kwam uit Amsterdam en kreeg enorme heimwee, ze kon niet meer eten zo erg miste ze Amsterdam. Toen verhuisden mijn ouders en ik naar Amsterdam, maar dat liep niet zo lekker. Als import Filipino voelde mijn vader zich in Antwerpen wel thuis, tussen zijn vrienden. In Amsterdam liep dat niet zo, dus zijn ze uit elkaar gegaan.’

‘In groep acht kreeg ik een stiefvader die veel met computerspelletjes en muziek bezig was. Door hem raakte ik geïnspireerd. Ik was enig kind en op mijn twaalfde kreeg ik mijn eerste computer, in die tijd heb ik veel computers in- en uit elkaar gehaald. Dat zag ik als een soort van LEGO. Ik deed aan Napster, MSN en ik speelde schiet spelletjes. Mijn stiefvader was een rock ’n roller. Zijn obsessie met muziek intrigeerde mij. Ik luisterde veel hiphop, hij vond dat alleen maar boze negermuziek. Dat gaf mij juist meer reden om hiphop te luisteren.’

Waarom schroefde jij computers uit elkaar dan?

‘Ik wilde de computer sneller maken door de frame rate bij te schroeven. Ik was aardig goed in schietspelletjes en op een gegeven moment ben ik gaan kijken bij een LAN-party. In een grote zaal zaten allemaal volwassen mannen spelletjes te spelen en vet eten te eten. Dat vond ik niet sexy. Thuis in de woonkamer computeren met vrienden en jointjes roken vond ik prima.’

‘In mijn middelbareschooltijd ging ik steeds meer muziek downloaden, geld had ik niet. En na de middelbare school had ik een harde schijf crash, toen heb ik wel even gehuild. Ik probeerde alles om de bestanden terug te halen, maar het lukte niet en dat frustreerde.’

Wanneer was je klaar met spelletjes spelen?

‘Op een gegeven moment speelde ik World of Warcraft. Hersendood gamen was dat. Het werd een verslaving. Ik schrok toen ik zag dat ik honderd volle dagen gespeeld had. Ik had nog nooit seks gehad of überhaupt een vriendinnetje en dat zat me dwars. Uitgaan deed ik wel al vanaf mijn zeventiende. The Flexican (Thomás Goethals) was het vriendje van de zus van mijn beste vriend. Hij had zijn studio in haar kelder. We zaten daar weleens en hij vroeg ons vaak mee naar zijn shows.’

Ik wil je feliciteren met de Claire, het lijkt goed te gaan. Hoe was het om gevraagd te worden als mede-eigenaar en programmeur van de Claire?

‘Heel raar. Ik ging uit in de Studio 80 en ineens kwamen Marlon, Steven en Matan Schabracq binnenlopen. Waarom zijn zij hier, dacht ik. Het was geen denderende avond. We namen plaats op een bankje. Ze vertelden dat ze aan het rondneuzen waren, want de Studio 80 stond te koop en daarmee kwam gelijk de vraag of ik programmeur wilde worden. Ik had daar geen antwoord op. Ten eerste was ik verrast dat de Studio 80 dicht zou gaan en tegelijkertijd was ik erg in de war over het voorstel.’

‘Kort daarna werd ik wakker gebeld door Marlon, om te lunchen bij het Chinese drijf restaurant. Julien Simmons en ik zaten daar met onze brakke koppen, drie uur geslapen, met alle compagnons aan een ronde tafel. En toen vroegen ze het: “Willen jullie compagnon worden?”. Dat voelde als een verliefdheid, zo’n gelukkig en verdoofd gevoel.’

Juri Miralles is vanavond te zien in de Dolly, met Gerd Janson.